OK, dat is de vraag niet meer zinloos, er staat dus
a\times(b\times c) = \langle a,c\rangle b-\langle a,b\rangle c
en daar staan links en rechts toch zeker vectoren. Het eenvoudigst lijkt me toch de linker- en rechterkant netjes uit te schrijven. De eerste coördinaat van de rechterkant is bijvoorbeeld
(a_1c_1+a_2c_2+a_3c_3)b_1 - (a_1b_1+a_2b_2+a_3b_3)c_1 = a_2(b_1c_2-b_2c_1) - a_3(b_3c_1-b_1c_3)
en dat is ook de eerste coördinaat van de linkerkant (reken maar na).
kphart
vrijdag 19 juli 2013