\require{AMSmath}
WisFaq - de digitale vraagbaak voor wiskunde en wiskunde onderwijs


Printen

Goniometrisch rekenen

Goede avond,
Ik loste volgende oefening op deze wijze op:
Als sin6a+cos6a=1/4 dan is cos2a= A. Bereken A.
(sin2a)3+(cos2a)3=1/4
(sin2a+cos2a)(sin4a+cos4a-sin2acos2az)=1/4
1·(sin2a+cos2a-3sin2cos2a)=1/4
1-3sin2acos2a)=1/4
1-1/4=3sin2acos2a
sin2acos2a=1/4 (1)
Uit formules dubbele hoek halen ik nu:
1+cos2a/2=sin2a en 1-cos2a/2=sin2a (2)
(2) in (1) onderbrengen geeft dan:
((1+cos2a)(1-cos2a))/4= 1/4
1-cos22a=1/4
1-1/4= cos22a
3/4=cos22a
en cos2a= √3/2=A
Het aangegeven antwoord is 1/2 maar denk dat dit dan fout is. Of heb ik toch ergens 'scheef' gerekend ?
Graag een antwoord aub.Waarvoor mijn oprechte dank.
Rik

Rik Le
Iets anders - maandag 1 september 2014

Antwoord

Niet te moeilijk denken !!

(sin2a)3+(cos2a)3=1/4 <=> (1-cos2a)3+ (cos2a)3=1/4
stel nu cos2a = x dan ontstaat (1-x)3 + x3 = 1/4 leidt tot x=0,5

Dan is dus cos2a = 0,5 maar jij hebt cos(2a) ..... verkeerd gelezen ??

Overigens cos (2a) = 2 cos2a -1 = 2x-1 =0 volgens mij.

Met vriendelijke groet
JaDeX


maandag 1 september 2014

 Re: Goniometrisch rekenen 

©2001-2024 WisFaq