Algebra

Analyse

Bewijzen

De grafische rekenmachine

Discrete wiskunde

Fundamenten

Meetkunde

Oppervlakte en inhoud

Rekenen

Schoolwiskunde

Statistiek en kansrekenen

Telproblemen

Toegepaste wiskunde

Van alles en nog wat


\require{AMSmath}

 Dit is een reactie op vraag 97829 

Re: Rekenen met logaritmen

Bedankt voor het snelle antwoord!

Alleen denk ik dat ik de vraag niet goed heb gesteld.
Met de vergelijking bedoelde ik deze:

a·log(b)=c
(a en c zijn bekend, wat is b?)

De log is een normale log, dus een 10log (10 als basis).
Kan b nu ook berekend worden?

Vriendelijke groeten,

Erik
Iets anders - dinsdag 8 augustus 2023

Antwoord

Ik begrijp het nu geloof ik. Uiteindelijk komen er wel. Die $a$ staat er voor en dat is dus niet het grondtal van de logaritme. Het grondtal is 10. Ik zal een voorbeeld geven:

$
\eqalign{
& 3\log (x) = 6 \cr
& 3 \cdot \log (x) = 6 \cr
& \log (x) = 2 \cr
& x = 10^2 \cr
& x = 100 \cr}
$

Die 3 is een vermenigvuldigingsfactor dus eerst links en reechts delen door 3.
De inverse van $log(x)$ is $10^x$. Uitwerken van de macht geen 100.

Je kunt $log(x)$ omvatten als de functie die de exponent geeft als je $x$ wilt schrijven als een macht van 10. De inverse functie is dan $10^x$.

Hopelijk helpt dat. Op 7. Exponentiële en logaritmische vergelijkingen kan je meer voorbeelden vinden.

Met name 2. Van logaritmen naar machten geeft een aantal voorbeelden met dezelfde aanpak als hierboven.

Hopelijk helpt dat.

WvR
woensdag 9 augustus 2023

©2001-2024 WisFaq