Algebra

Analyse

Bewijzen

De grafische rekenmachine

Discrete wiskunde

Fundamenten

Meetkunde

Oppervlakte en inhoud

Rekenen

Schoolwiskunde

Statistiek en kansrekenen

Telproblemen

Toegepaste wiskunde

Van alles en nog wat


\require{AMSmath}

 Dit is een reactie op vraag 49118 

Re: Bewijzen stelling van pythagoras

Ja, die bedoel ik. Eerlijk gezegd snap ik niet niet zo heel veel van, het enige wat ik kan bedenken is dat je er een z figuur van maakt en de hoeken kruislings over kan nemen. Ik snap bijna alle bewijzen die we hebben gekregen, en hier van ook dat het uiteindelijk a2+b2 = c2, maar dat het een vierkant is niet.
Hopelijk kan je me het uitleggen.

martij
Leerling bovenbouw havo-vwo - donderdag 8 februari 2007

Antwoord

Je weet al dat de zijden van de vierhoek allemaal even lang zijn. Je weet ook dat de som van de hoeken in een driehoek 180° is. Je weet ook dat de groene hoeken 90° zijn. Dus een blauwe en een rode hoek zijn samen ook 90°. Een gestrekte hoek is 180°, dus de hoeken van de vierhoek zijn 90°. Zijden evenlang en de hoeken 90°? Dat is een vierkant!

WvR
donderdag 8 februari 2007

©2001-2024 WisFaq