Algebra

Analyse

Bewijzen

De grafische rekenmachine

Discrete wiskunde

Fundamenten

Meetkunde

Oppervlakte en inhoud

Rekenen

Schoolwiskunde

Statistiek en kansrekenen

Telproblemen

Toegepaste wiskunde

Van alles en nog wat


\require{AMSmath}

Matrices

Ik was bezig met de oefeningen te bekijken en stoot op deze vraag.

Bereken X en Y uit
3X+4Y=A
2X+3Y=B als A= 1 3 5 en B= 2 4 6
2 4 6 1 3 5

kunnen jullie me dit even verduidelijken

bedankt

jetten
Student Hoger Onderwijs België - donderdag 15 april 2004

Antwoord

Los het stelsel vergelijkingen gewoon op met de techniek die je ook gebruikt wanneer A en B getallen zijn.
Dus: vermenigvuldig vergelijking (1) met 2 en vermenigvuldig vergelijking (2) met 3.
Door de resultaten vervolgens af te trekken elimineer je X en vind je Y, uitgedrukt in A en B. En als Y gevonden is, is X er natuurlijk ook. Vervang dan A en B door de gegeven matrices en het is gepiept!

MBL
donderdag 15 april 2004

©2001-2024 WisFaq