De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Bewerking met 3 vectoren en absolute waarde

Goede avond
Drie vectoren zijn gegeven :
A(2,-4) ;B(1,5) en C = (-5,3) (op A,B,C moet overal een vectorteken staan ).
Bereken nu ||3A-2BC||
Ik werkte wat uit
||3(2,-4)-2(C-B)|| want BC=C-B
=||(6,-12)-2((-5,3)-(1,5)||
=||(6,12)+(10,-6)+(2,-10)||
=||18,-4)||
= √(182+(-4)2)
=√(324+256)=
=√(580)
De oplossing die ik zou moeten bekomen is 2 √97.
Waar is het verkeerd gelopen?
Alvast bedankt
Groeten.

Rik Le
Iets anders - zondag 25 oktober 2020

Antwoord

Het lijkt me handiger eerst C-B uit te rekenen en dan verder te werken:
3A-2(C-B)=
3(2,-4)-2((-5,3)-(1,5))=
(6,-12)-2(-6,-2)=
(6,-12)+(12,4)=
(18,-8)

182+(-8)2=324+64=388
388=497

Dus het antwoord is inderdaad 2√97

Wie is wie?
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
zondag 25 oktober 2020



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2021 WisFaq - versie 3