De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Re: Re: Gooien met twee dobbelstenen

 Dit is een reactie op vraag 87419 
Beste,
randInt(1,6,360) zet het resultaat in L1(STO 2nd 1) dan opnieuw randInt (1,6,360) zet het resultaat in L2 dan zet in het rekenscherm L1+L2 enter dan zet het resultaat in L3
2nd stat math sum L3=1 enter 0
=2 enter 11 : 2 = 5,5
=3 enter 15 : 2 = 7,5
=4 enter 32 : 2 = 16
=5 enter 39 : 2 = 19
=6 enter 56 : 2 = 28
5,5+7,5+16+19,5+28)=76,5

Klopt dat?
Alvast Bedankt!!
Met vriendelijke groeten
Elsa

Eleina
3de graad ASO - zondag 6 januari 2019

Antwoord

Je komt een heel eind. Ik begrijp de laatste stappen niet. Wat heb je aan de som van de twee worpen? Alleen bij 2 en 12 weet je zeker dat je twee enen of twee zessen hebt. Maar bij 4 gaat die vlieger niet op. Ik zou dat 'tellen' anders doen:

Je krijgt uiteindelijk zoiets als:

randInt(1,6,360)$\to$L1
randInt(1,6,360)$\to$L2
L1=L2$\to$L3
sum(L3)

Dat laatste geeft dan (bijvoorbeeld) 62 keer van de 360. Dat lijkt er meer op, denk ik. Hieronder zie je nog een plaatje van een aantal 'runs'. Die liggen allemaal zo rond de 60. Dat hadden we ook verwacht...

q87423img1.gif

Toelichting
Met de aanduiding L1=L2$\to$L3 krijg je een $1$ in L3 als L1 en L2 gelijk zijn. Daarmee tel je het aantal 'gelijken'.

Naschrift
Om de simulatie meerdere keren te doen kan je het als een programmatje in je GR zetten:

Wie is wie?
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
zondag 6 januari 2019



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2020 WisFaq - versie IIb