De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

PartiŽle afgeleide

Hallo,

Tijdens het maken van de huiswerkopgaven werd ik bij de 1e vraag al geconfronteerd met een heuse ontmoediging wat helaas heeft geresulteerd in dat ik het heb opgegeven. Maar toen ik deze site tegen kwam wou ik weer een poging wagen dus bij deze... Ik ben vergeten hoe het oa. ook alweer zat met de partiŽle afgeleide. U(qx,qy)=(qx +2qy)2 ik wil deze nutsfunctie maximaliseren hierbij heb ik een budget van 40 en px=1 en py=4, de vraag luidt welke combinatie van goederen maximaliseert het nut van deze consument? Ik ben bekend met de lagrange multiplier.

Tevens een ander vraagje: als er gevraagd word naar de vergelijking van de engel curve wat bedoelt men dan precies? qx= 5+ (B-10px)/2py er bestaat een relatie tussen de vraag van de consument naar goed X enerzijds en het budget, de prijs van goed X en de prijs van goed Y anderzijds. Deze relatie wordt gegeven door: B=1000 , px=20 py=40

Om het in economisch context passend af te sluiten: Ik hoop dat u minstens evenveel nut onttrekt aan het beantwoorden van de vraag , als dat ik onttrek aan het antwoord.

Amer
Student universiteit - donderdag 5 november 2015

Antwoord

Je vragen hebben vooral te maken met economie denk ik. Het zou handiger zijn om hier de vragen te stellen over de wiskunde die je daarbij nodig hebt en niet direct te vragen naar de economische theorie. Engel-curve, budget, prijzen goederen...!? Dat is meer voer voor economen.

Maar over de partiŽle afgeleide kan ik wel iets zeggen. Neem 's aan dat je een functie hebt als:

$f(x,y)=(x+2y)^2$

Dat noemen we dan een functie van twee variabelen. Je kunt dan de partiŽle afgeleiden bepalen naar $x$ of de partiŽle afgeleide naar $y$. Als je de afgeleide naar $x$ berekent dan beschouw je de andere variabele als een constante. Dat gaat dan zo:

$f(x,y)=(x+2y)^2$
$f_x(x,y)=2(x+2y)∑1=2(x+2y)$
$f_y(x,y)=2(x+2y)∑2=4(x+2y)$

Meer moet het niet zijn... Helpt dat?

Zie Wikipedia | PartiŽle afgeleide

Wie is wie?
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
vrijdag 6 november 2015



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2021 WisFaq - versie 3