De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Re: Stelsel van 2 lineaire vergelijkingen met 3 onbekenden

 Dit is een reactie op vraag 33541 
Beste,

Nu heb ik een zelfde soort som alleen zijn de gegevens iets anders namelijk:

a+b+c=200
15a+b+0,25c=200

nu snap ik het gedeelte over de 't' invullen wel, maar hoe moet ik daarna verder? ik heb geprobeerd dit op te lossen doormiddel van substitutie maar dat lukte niet echt... kan je misschien de verder uitwerking geven zodat ik het wel snap?

bvd Brian

Brian
Leerling bovenbouw havo-vwo - dinsdag 25 oktober 2011

Antwoord

Hallo Brian,

Ik help je op weg. Stel c=t. Je eerste vergelijking kan je dan schrijven als:

b=200-a-t

Dit kan je weer invullen in de tweede vergelijking (vergeet niet om ook hier c door t te vervangen). Nu kan je a uitrekenen, d.w.z.: uitdrukken in t.

Deze a (uitgedrukt in t) vul je weer in in de vergelijking hierboven, dan zijn alledrie de variabelen uitgedrukt in t.

Lukt het zo?

GHvD
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
donderdag 3 november 2011



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2021 WisFaq - versie 3