De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Telproblemen

Willem gooit 10 keer met een geldstuk. telkens noteert hij K (kop) of M (munt) een mogelijk serie is KKMMKMMMKK.
hoeveel series zijn er
1) in totaal mogelijk ?
2) met acht keer kop ?
3) met vijf keer kop ?
4) die met KK beginnen ?
5) die met een k beginnen en eindigen Ún met vijf k's in totaal ?

ik snap niet wat ik hier moet toepasse, vooral nummertje vijf vind ik moeilijk om op te lossen,kan je me hier vertellen wat voor iets je hier steeds toepast, dan weet ik wt hier de regelmaat in is !

Dunja
Leerling bovenbouw havo-vwo - zaterdag 15 september 2007

Antwoord

Vooruit dan maar (weer): nummertje 5.
Omdat je geen keuzevrijheid meer hebt voor de eerste en de laatste worp, zijn er nog maar 8 worpen waarover je iets te 'zeggen' hebt. Van die 8 moeten er precies 3 K zijn. Dus iets met 8 nCr 3 zal er wel iets mee te maken hebben.
En wat nummer 1 betreft: hoeveel mogelijkheden zijn er per worp? En dus voor 10 worpen...??

MBL

MBL
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
zaterdag 15 september 2007



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2020 WisFaq - versie IIb