De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Re: ExponentiŽle vergelijkingen de rekenregels bewijzen

 Dit is een reactie op vraag 45499 
Ik begrijp niet echt wat je bedoelt. Hoe heb ik het dan bewezen? Dat staat toch al in de regel?
Ivm a en b, je bedoelt dat het elementen zijn van R+/(0)

Bram
3de graad ASO - maandag 22 mei 2006

Antwoord

Dag Bram

Neem eerst de eerste vergelijking.
af(x) = ag(x)
Als beide leden van deze vergelijking positief zijn, dan blijft de gelijkheid geldig als ik van beide leden de logaritme neem:
log(af(x)) = log(ag(x))
Gebruik de rekenregel van logaritmes: log(xk) = k∑log(x) mits x0:
f(x)∑log(a)= g(x)∑log(a)
Nu wil je graag beide leden van de vergelijking delen door log(a).
Mag dat zomaar? Welke beperking geldt er dus nog meer voor a?
Is het zo wat duidelijker?
succes,

Wie is wie?
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
maandag 22 mei 2006
 Re: Re: ExponentiŽle vergelijkingen de rekenregels bewijzen 



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2021 WisFaq - versie 3