WisFaq!

\require{AMSmath} geprint op dinsdag 26 oktober 2021

Bewijzen met de sinus en cosinus

Hallo,
We zijn bezig met de sinus, cosinus en de rest in een driehoek. Maar nu moeten we een gelijkenis bewijzen.
sin2a / (1 - sin2a) = (1 / cos2a) - 1
Ik weet niet hoe ik eraan moet beginnen. Wel had ik al geprobeerd om de 1 al om te zetten naar sin2a + cos2 a, dus:
sin2a / (1 - sin2a) = sin2a / (sin2a + cos2a - sin2a)
sin2a / (1 - sin2a) = sin2a / cos2a
Maar zo geraak ik er dus niet of ik weet in ieder geval niet hoe ik zou verder moeten.

Alvast bedankt!

kim
8-2-2014

Antwoord

Als je nu in sin2(a)/cos2(a) die sin2(a) vervangt door 1-cos2(a) krijg je
(1-cos2(a))/cos2(a)
Voer nu de deling uit en je krijgt:
1/cos2(a)-cos2(a)/cos2(a)=1/cos2(a)-1


hk
8-2-2014


© 2001-2021 WisFaq
WisFaq - de digitale vraagbaak voor het wiskunde onderwijs - http://www.wisfaq.nl

#72246 - Goniometrie - 2de graad ASO